10. jul, 2013

Bonus Malus!

Laatst bij een van onze supermarktketens waarvan ik naam niet zal noemen, maar die wel bekend is van de kleintjes, kocht ik een zak met eierkoeken.

Niet omdat die zo lekker zijn, maar wel beter voor de gezondheid.

En omdat ik dan toch maar die eierkoeken ging kopen, was het een aangename verrassing dat er een oranje sticker, met het woord bonus op de verpakking zat.

Nu ben ik helemaal niet zo van de acties en zegeltjes en zo, maar het woord bonus klonk mij als muziek in de oren.

Ik liep als een jonge hinde huppelend met mijn zakje eierkoeken naar de kassa, en rekende af. Uiteraard vroeg ik om de bon, maar toen ik daar op keek zag ik dat de normale prijs was berekend.

Mijn wereld stortte op dat moment volledig in, de Zaanse grootwinkelier had ik altijd hoog zitten, en ik kocht er graag mijn producten.

 

Maar nu…. hielden zij zich ook bezig met flessentrekkerij?

Ik dacht ‘dit kan niet waar zijn’!

Geen bonus, ik voelde het bloed langzaam uit mijn hoofd weglopen, en ook weer terugstromen. En met het terugstromende bloed kwam in mij ook de woede opzetten! Hoe durven ze op de verpakking een sticker te plakken met bonus erop en dan geen korting te geven. Schande gewoon!

Ik liep terug naar de kassa, waar mij een geïrriteerde blik werd toegeworpen door de kassière.

Ik riep tegen haar ‘ik kom op voor mijn recht, dat pakken jullie mij niet af’.

‘Jullie denken wel dat ik het niet door heb’ schreeuwde ik het meisje toe.

 

De toegesnelde chef van de winkel riep tegen mij ‘meneer wat is er aan de hand’? Ik vertelde de man van de niet verkregen bonus, en hoe het mij aangreep dat ik wel de sticker, maar niet het geld had gehad.

De chef lachte en zei ’maar meneertje dan krijgt u toch alsnog de bonus’!

Ha ja maar zo makkelijk kwam hij er niet af!

Het gaat om het principe, om het feit dat er in zijn winkel gefraudeerd wordt!

Ik zei ‘meneer de winkelchef hoe zou u het vinden als u meedoet aan een loterij en een auto wint’.

‘Dat lijkt mij geweldig’ zei de chef.

‘Stel, u mag deze morgen ophalen’ raaskalde ik maar door, ‘u komt aan bij de garage, en daar wordt u verteld dat geen auto krijgt maar een nieuwe fiets’,

zo kletste ik verder. ‘Hoe vindt u dat dan’?

‘Besodemietert’ zei de chef. Ik ging verder, ‘begrijpt u dan hoe ik mij nu voel’, zei ik. Het was even stil en het leek erop alsof er een dominee voorbij kwam.

De chef zei, ‘nee daar begrijp ik helemaal niets van, wilt u de korting nou wel of niet’?

 

Opeens kwam ik bij mijn positieven en rende snel de winkel uit!

 

Eppo